ECLI:NL:GHAMS:2026:1527
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging zorgregeling met aanwijzingen voor overdracht bij ouders van minderjarige
De zaak betreft een geschil tussen ouders over de zorgregeling voor hun minderjarige kind, waarbij de rechtbank een regeling had vastgesteld met twee weekenden achter elkaar bij de vader en een weekend bij de moeder. De moeder wenste een week-op week-af regeling met gelijke verdeling van vakanties en feestdagen, terwijl de vader een weekendregeling wilde met dwangsommen bij niet-naleving.
In hoger beroep heeft het hof de omstandigheden onderzocht, waaronder de praktische haalbaarheid van het halen en brengen van het kind door de vader, de woon- en werksituatie van de ouders, en de communicatieproblemen tussen hen. De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde een regeling die het kind stabiliteit biedt en beide ouders betrokken houdt.
Het hof oordeelde dat de vader niet in staat is het kind op vrijdagmiddag van school te halen en op maandagochtend terug te brengen vanwege werk en vervoersproblemen. De bestaande regeling van de rechtbank werd daarom bekrachtigd. Het hof legde nadruk op het belang van duidelijke, vaste overdrachtstijden en locaties om stress voor het kind te voorkomen. Dwangsommen werden niet opgelegd, in de verwachting dat ouders zich aan de regeling houden.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de zorgregeling van de rechtbank met duidelijke overdrachtstijden en wijst wijzigingsverzoeken en dwangsommen af.