Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHAMS:2026:1378

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
15 mei 2026
Publicatiedatum
25 mei 2026
Zaaknummer
23-002325-25
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 SrArt. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 22c Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling voor winkeldiefstal met voorwaardelijke taakstraf en zorgmaatregelen

Op 3 juli 2025 pleegde de verdachte een diefstal te Amsterdam. De politierechter veroordeelde hem hiervoor, maar het gerechtshof Amsterdam vernietigde dit vonnis bij arrest van 15 mei 2026. Het hof veroordeelde de verdachte opnieuw tot een taakstraf van 14 uren en 7 dagen hechtenis, voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar.

Naast de taakstraf legde het hof bijzondere voorwaarden op gericht op zorg en begeleiding. De verdachte moet zich gedurende de proeftijd melden bij de reclassering, meewerken aan huisbezoeken en afspraken, en zich laten opnemen in een forensische verslavingskliniek voor maximaal een jaar. De behandeling richt zich op verslavingsproblematiek, eventuele andere problematiek en het voorkomen van recidive.

Na opname volgt ambulante forensische behandeling en mogelijk verblijf in begeleid wonen of maatschappelijke opvang. Verdachte moet meewerken aan schuldhulpverlening en controles op middelengebruik. De taakstraf wordt niet uitgevoerd tenzij de verdachte zich schuldig maakt aan een nieuw strafbaar feit of de bijzondere voorwaarden niet naleeft.

De gemachtigde van de verdachte deed ter zitting afstand van het recht om in cassatie te gaan. Het hof bepaalde dat de verdachte zich aan de huisregels en behandelvoorschriften moet houden en dat de reclassering toezicht houdt op naleving van de voorwaarden.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke taakstraf van 14 uren en 7 dagen hechtenis met bijzondere zorggerelateerde voorwaarden en een proeftijd van drie jaar.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 13-203026-25
parketnummer hoger beroep : 23-002325-25
TEGENSPRAAK (art. 279 Sv Pro)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 15 mei 2026 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 26 september 2025 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1984 te [geboorteplaats]
adres: [adres] .

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
diefstal.
gepleegd
op 3 juli 2025 te Amsterdam.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 310 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
14 (veertien) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
7 (zeven) dagen hechtenis.
Bepaalt dat de taakstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd van
3 (drie) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarde(n) niet heeft nageleefd.
Meldplicht bij reclassering
Dat de verdachte zich gedurende de proeftijd meldt op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat noodzakelijk vindt. De reclassering bepaalt op welke dagen en tijdstippen deze afspraken plaatsvinden. De reclassering zal contact met verdachte opnemen voor de eerste afspraak.
Opneming in een zorginstelling
Dat verdachte zich tijdens de proeftijd voor de duur van maximaal één jaar of zoveel korter als de
reclassering nodig vindt, laat opnemen in een forensische verslavingskliniek, te bepalen door de voor
plaatsing verantwoordelijke instantie. De opname start zo spoedig mogelijk nadat de proeftijd is
gestart en zodra de plaatsing mogelijk is. De zorginstelling bepaalt de wijze van behandeling. De
behandeling is gericht op verslavingsproblematiek, eventuele andere problematiek (waaronder indien nodig bevonden ook: het verkrijgen van
diagnostiek, voor de duur van drie tot zes maanden en voorafgaand daaraan indien nodig geacht de vereiste opname voor detoxificatie voor de duur van maximaal 7 weken) en het voorkomen
van delictgedrag. Gelet op de problematiek kan onderdeel van de behandeling zijn dat verdachte
voorgeschreven medicatie zal gebruiken. Verdachte houdt zich aan de huisregels en aanwijzingen
van de zorginstelling en de behandelaren. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg of
verblijf in een instelling voor begeleid wonen of maatschappelijke opvang nodig vindt, werkt
verdachte mee aan de indicatiestelling en plaatsing.
Ambulante behandeling met mogelijke kortdurende opname
Dat de verdachte zich gedurende de proeftijd en aansluitend op de opname in een zorginstelling laat behandelen door een forensisch ambulante behandelaar, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de behandeling nodig vindt. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling.
De behandeling is gericht op het bestendigen van het nieuw aangeleerde gedrag tijdens de opname in een zorginstelling. Gelet op de problematiek kan onderdeel van de behandeling zijn dat verdachte voorgeschreven medicatie zal gebruiken. Indien er sprake is van een terugval in middelengebruik/bij overmatig middelengebruik en/of een zodanige verslechtering van de psychische toestand van verdachte dat een kortdurende klinische
opname voor detoxificatie/stabilisatie/observatie/diagnostiek/crisisbehandeling noodzakelijk is, kan de
reclassering een indicatiestelling aanvragen voor een dergelijke kortdurende klinische opname voor de
duur van maximaal 7 weken. Indien de voor indicatie verantwoordelijke instantie een kortdurende
klinische opname indiceert, laat verdachte zich opnemen in een zorginstelling te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing.
Verblijf in begeleid wonen of maatschappelijke opvang
Dat de verdachte gedurende de proeftijd (na de opname in een zorginstelling) of zoveel korter als de reclassering dat noodzakelijk vindt, verblijft in een instelling voor begeleid wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. De verdachte houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering voor hem opstelt.
Dagbesteding
Verdachte spant zich in voor het vinden en behouden van betaald werk, onbetaald werk en/of
vrijetijdsbesteding, met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van
delictgedrag.
Aflossing schulden
Dat de verdachte meewerkt aan het aflossen van zijn schulden en het treffen van afbetalingsregelingen,
ook als dit inhoudt meewerken aan schuldhulpverlening in het kader van de Wet Schuldsanering
Natuurlijke Personen. Verdachte geeft de reclassering inzicht in zijn financiën en schulden.
Beheersing middelengebruik
Dat de verdachte gedurende de proeftijd meewerkt aan controles om zicht te krijgen op het gebruik en/of het gebruik te leren beheersen van alcohol en verdovende middelen, genoemd in lijst I
(harddrugs), en lijst II (softdrugs) en middelen die vallen onder een stofgroep genoemd in lijst IA in
de Opiumwet. Deze controles kunnen bestaan uit urineonderzoek/ademonderzoek/speekseltest. De
reclassering bepaalt hoe vaak en met welk controlemiddel wordt gecontroleerd.
Van rechtswege gelden hierbij als voorwaarden dat de verdachte:
- meewerkt aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een geldig identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt.
- meewerkt aan het hierna te noemen reclasseringstoezicht als bedoeld in artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht, waaronder het meewerken aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dat noodzakelijk vindt;
Geeft opdracht dat de reclassering toezicht houdt op de naleving van de voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan begeleidt.
Gewezen door mr. J.W.P. van Heusden, in bijzijn van mr. S.S.I. Jackson, griffier.
mr. J.W.P. van Heusden
Namens de verdachte heeft de gemachtigde raadsvrouw ter terechtzitting afstand gedaan van het recht beroep in cassatie in te stellen.