De Ondernemingskamer Amsterdam behandelt een geschil tussen aandeelhouders over de waardering van aandelen in een besloten vennootschap. Een deskundige is benoemd om de waarde van de aandelen te onderzoeken en een deskundigenbericht op te stellen. Door vertragingen en aanvullende onderzoeksbehoeften heeft de deskundige meerdere keren uitstel gevraagd voor het indienen van het rapport.
De deskundige verzoekt om een aanvullend voorschot van €21.223 voor een accountantsonderzoek naar recent bekend geworden facturen en informatie die nog niet in de maandcijfers zijn verwerkt. De Ondernemingskamer oordeelt dat het verzoek niet onredelijk is en kent het aanvullende voorschot toe.
Een verzoek om nu al een mondelinge behandeling te bepalen wordt afgewezen, omdat partijen na ontvangst van het deskundigenbericht schriftelijk kunnen reageren en daarna een mondelinge behandeling kan worden vastgesteld. De Ondernemingskamer benadrukt dat de deskundige zelfstandig werkt en het hoor en wederhoor principe toepast. Partijen dienen mee te werken aan het onderzoek en kunnen hun zienswijze kenbaar maken.
De Ondernemingskamer verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad en bepaalt dat het aanvullende voorschot inclusief omzetbelasting €21.223 bedraagt.