ECLI:NL:GHAMS:2026:121
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Gezag over minderjarige in het kader van ouderschap en communicatieproblemen
In deze zaak heeft het Gerechtshof Amsterdam op 20 januari 2026 uitspraak gedaan in hoger beroep over het gezag van de ouders over hun dochter, geboren in 2021. De vader had in eerste instantie verzocht om gezamenlijk gezag, maar de rechtbank Noord-Holland had dit verzoek afgewezen. De vader was het hier niet mee eens en ging in hoger beroep. Het hof heeft de beschikking van de rechtbank vernietigd en de ouders gezamenlijk met het gezag belast. Het hof oordeelde dat er geen bewijs was dat de vader geen toestemming zou verlenen voor belangrijke beslissingen over het kind en dat de communicatieproblemen tussen de ouders niet uitsluitend aan de vader te wijten waren. De moeder had geen open houding ten opzichte van communicatie met de vader, wat de verstandhouding tussen hen niet verbeterde. Het hof benadrukte het belang van gezamenlijk gezag voor de ontwikkeling van het kind en de noodzaak dat beide ouders betrokken blijven bij belangrijke beslissingen. De uitspraak is gedaan in het belang van het kind, waarbij het hof de rol van de vader in het leven van het kind als essentieel beschouwde. De ouders werden aangespoord om met hulpverlening duidelijke afspraken te maken over hun communicatie.