Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
- de afnemer heeft reeds in 1996 twee effectenleaseovereenkomsten afgesloten, waar hij de echtgenote over heeft verteld. Er was dan ook geen reden voor de afnemer om het afsluiten van effectenleaseovereenkomst 1 voor de echtgenote geheim te houden;
- naar algemene ervaringsregels bespreken echtgenoten het sluiten van effectenleaseovereenkomsten als de onderhavige met elkaar. Dat geldt in deze zaak te meer vanwege de totale leasesom van relatief grote omvang (NLG 20.425,85);
- de afnemer en de echtgenote zijn in 1999 verhuisd. Bij een verhuizing dienen adreswijzigingen verzonden te worden waarvoor een inventarisatie van de administratie dient plaats te vinden. Bovendien worden doorgaans de financiën van het gezin doorgenomen. De effectenleaseovereenkomst zal dan ook rond de verhuizing in 1999 ter sprake te zijn gekomen;
- op effectenleaseovereenkomst 1 is een bedrag van € 1.659,24 aan incasso’s betaald. Een dergelijke uitgave kan niet zijn gedaan zonder dat dit is besproken;
- afnemer heeft vanaf september 1997 met betrekking tot effectenleaseovereenkomst 1 op meerdere momenten poststukken van Dexia of haar rechtsvoorgangsters ontvangen op het huisadres van de afnemer en de echtgenote. Het is onaannemelijk dat deze poststukken de echtgenote onopgemerkt zijn gebleven;
- Dexia gaat er vanuit dat de afnemer en de echtgenote gezamenlijk hun belastingaangifte indienden en dat de echtgenote deze heeft gelezen voordat zij deze ondertekende. Zodoende heeft zij kunnen zien dat de afnemer de betaalde rente heeft afgetrokken.