Uitspraak
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep
3.Feiten
(…)
zo spoedig mogelijk ten titel van voorlopige boedelscheiding aan[klaagster]
worden overgedragen ten overstaan van notaris [geïntimeerde] van VAD Notarissen te [plaats 2] . Een en ander is daar inmiddels neergelegd.
Cliënte gaat ervan uit dat u uw medewerking zult verlenen aan het spoedig passeren van de akte en eveneens bij de heer[hof: [naam 1] ]
zult aandringen op zijn medewerking, opdat een gerechtelijke procedure kan worden voorkomen. De voorbereidingen hierop zijn inmiddels gaande. Cliënte heeft conservatoir beslag gelegd op de woning (welk beslag zij zal opheffen zodra de levering zal plaatsvinden). De procedure zal binnen enkele weken gestart worden, tenzij per omgaande de levering alsnog en eindelijk plaatsvindt.”
De ondergetekende vrijwaart de gevolmachtigde voor iedere vordering van derden in
(…)
(waarvan ik de conceptdatum, per abuis gedateerd 17 maart 2022, in deze – u al bekende – zesde versie heb aangepast in 17 maart 2023). In afwachting van eensluidende instructies van u (namens uw cliënten) omtrent de inhoud van die akte. Ik verzoek u vriendelijk om met elkaar tot overeenstemming te komen over alle bepalingen waar u het thans nog niet over eens bent, zodat de akte aan de hand van de uitkomst gecompleteerd kan worden en een afspraak gepland kan worden om de akte te passeren. (…)”
4.De klacht
De nalatenschap van[naam erflaatster]
blijft overigens onverdeeld” en handelt daarmee in strijd met het testament;
5.Beoordeling
klachtonderdeel 1) moeten doen omdat klaagster in de periode 2010-2017 de notaris reeds betrokken had in meerdere tuchtrechtelijke en civielrechtelijke procedures in verband met de afwikkeling van de nalatenschap van erflater. Onder deze omstandigheden mag van een redelijk handelend notaris worden verwacht dat zij in 2021 haar dienst weigert, dan wel de zaak doorschuift naar een collega, aldus klaagster. Nadat zij kennelijk had besloten om tóch haar medewerking aan het dossier te verlenen had zij ná aanvang van haar werkzaamheden op dit besluit moeten terugkomen (
klachtonderdeel 2) in verband met de inhoud van de aan haar verstrekte opdracht. Zo werd de notaris verzocht om, aldus klaagster, valse verklaringen in de akte op te nemen waarbij de notaris haar onafhankelijke positie verloor. Ook het verzoek, aldus klaagster, om in de akte niet alle voor de verdeling vereiste partijen op te nemen maakte dat de notaris haar dienst had moeten weigeren.
naar zijn redelijke overtuiging of vermoeden de werkzaamheid die van hem verlangd wordt, leidt tot strijd met het recht of de openbare orde, wanneer zijn medewerking wordt verlangd bij handelingen die kennelijk een ongeoorloofd doel of gevolg hebben of wanneer hij andere gegronde redenen voor weigering heeft’. Naast de ministerieplicht en de plicht tot dienstweigering geven de leden 3 en 4 van artikel 21 Wna Pro een notaris de mogelijkheid een verzoek bepaalde werkzaamheden te verrichten in verband met de werkverdeling door te verwijzen naar een andere notaris.
valse verklaringen”) juist is. Ook overigens is op voorhand niet gebleken dat de rechtshandelingen die in de voorgenomen (concept)akte zijn opgenomen nietig of vernietigbaar zouden zijn. De klachtonderdelen 1 en 2 zijn daarom ongegrond.
de notaris handelt niet kundig door onjuiste (juridische) beweringen te doen inzake het testamentair bewind en de bevoegdheden van [naam 2] .