ECLI:NL:GHAMS:2025:838
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Voornemen benoeming bijzondere curator in zorgregeling en hoofdverblijfplaats minderjarigen
Deze zaak betreft een geschil over de zorgregeling en hoofdverblijfplaats van twee minderjarige kinderen na een echtscheiding. De rechtbank had een zorgregeling vastgesteld waarbij de kinderen om de week bij één van de ouders verblijven, met de hoofdverblijfplaats van beide kinderen bij de moeder. De vader is het hier niet mee eens en verzoekt om wijziging van de hoofdverblijfplaats van de jongste minderjarige naar hem toe, evenals aanpassing van de zorgregeling.
In hoger beroep heeft het hof vastgesteld dat de feitelijke situatie afwijkt van de formele regeling: de jongste verblijft het grootste deel van de tijd bij de vader en de oudste ziet de vader sinds september 2024 niet meer. De ouders verschillen van mening over de toekomst van de zorgregeling en de omgang met de kinderen. Het hof benadrukt het belang van contact met beide ouders en een gelijke zorgverdeling, maar constateert dat de huidige situatie niet goed uitvoerbaar is en de kinderen teveel verantwoordelijkheid dragen.
Gezien de verstoorde verhoudingen en het belang van de kinderen, besluit het hof een bijzondere curator te benoemen om onderzoek te doen naar de relaties, wensen en belemmeringen van de kinderen en de noodzaak van hulp. De beslissing over de zorgregeling en hoofdverblijfplaats wordt aangehouden totdat het onderzoek is afgerond.
Uitkomst: Beslissing over zorgregeling en hoofdverblijfplaats wordt aangehouden en bijzondere curator benoemd voor nader onderzoek.