ECLI:NL:GHAMS:2025:3305

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
2 december 2025
Publicatiedatum
11 december 2025
Zaaknummer
23-002800-24
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Raadkamer
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 lid 2 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens ontbreken grieven

Op 2 december 2025 hield het Gerechtshof Amsterdam een terechtzitting in hoger beroep tegen verdachte, die niet is verschenen ondanks rechtsgeldige betekening van de dagvaarding. De raadsman van verdachte gaf aan geen contact te hebben gehad met verdachte en zich niet gemachtigd te achten om grieven door te geven indien verdachte niet verschijnt.

Tijdens de zitting werden geen grieven tegen het vonnis van eerste aanleg ingebracht, noch schriftelijk noch mondeling. Het openbaar ministerie vorderde dat verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van enig belang bij voortzetting van de procedure.

Het hof oordeelde dat zonder grieven en zonder aanwezigheid van verdachte geen onderzoek naar de zaak kan plaatsvinden en verklaarde verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven en afwezigheid bij de terechtzitting.

Uitspraak

proces-verbaal terechtzitting
GERECHTSHOF AMSTERDAM
datum arrest 2 december 2025
parketnummers 23-002800-24 en 02-108309-23 (TUL)
datum vonnis eerste aanleg 4 december 2024
parketnummer 13-384642-24 en 02-108309-23
Proces-verbaal van de in het openbaar gehouden terechtzitting van dit gerechtshof, enkelvoudige kamer, op
2 december 2025.
Tegenwoordig:
mr. S.M. Milani raadsheer,
en D. Chemlali griffier.
Het openbaar ministerie wordt vertegenwoordigd door mr C. de Ceuninck van Capelle, advocaat-generaal.
De raadsheer doet de zaak tegen na te noemen verdachte uitroepen.
De verdachte, gedagvaard als:
[verdachte]
geboren [geboortedag] 1992 te [geboorteplaats]
[adres]
,
is niet verschenen.
De raadsheer deelt mede dat de dagvaarding op rechtsgeldige wijze is betekend.
De raadsheer deelt voorts mede dat blijkens een e-mailbericht van 1 december 2025 van de raadsman hij geen contact heeft gehad met de verdachte. In de e-mail geeft hij aan dat indien de verdachte ter terechtzitting verschijnt, het hoger beroep zich richt op de strafmaat en dat hij zich in andere gevallen niet gemachtigd acht het woord te voeren. Nu de verdachte niet is verschenen, beschouwt het hof – gelet op vorenstaande mededelingen – de raadsman niet gemachtigd om grieven door te geven. Bij die stand van zaken zijn geen grieven tegen het vonnis waarvan beroep bekend.
De raadsheer verleent verstek tegen de niet verschenen verdachte en beveelt dat met de behandeling van de zaak zal worden voortgegaan.
De advocaat-generaal voert het woord en vordert dat de verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in het ingestelde hoger beroep.
De raadsheer verklaart het onderzoek gesloten en deelt mee terstond mondeling arrest te zullen wijzen.
De raadsheer spreekt het arrest uit ter openbare terechtzitting.
AANTEKENING VAN HET MONDELING ARREST

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd de verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in het ingestelde hoger beroep.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Door of namens de verdachte is geen schriftuur houdende grieven ingediend. Evenmin zijn mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Ook overigens is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak. Om die reden wordt de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de raadsheer en de griffier is vastgesteld en ondertekend.