Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 9 juni 2022. De verdachte werd primair bewezenverklaard voor diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij toegang tot de plaats van het misdrijf werd verkregen door braak. Het delict vond plaats op of omstreeks 22 oktober 2021 te Alkmaar.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis en deed opnieuw recht. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van twee jaar, waarvan zes weken onvoorwaardelijk en de rest voorwaardelijk met een proeftijd. Tevens werd bepaald dat de tijd die de verdachte in voorarrest had doorgebracht, in mindering wordt gebracht op de opgelegde straf, voor zover deze niet reeds op een andere straf is verrekend.
De wettelijke grondslagen voor de veroordeling zijn gelegen in de artikelen 14a, 14b, 14c en 311 van het Wetboek van Strafrecht. Het vonnis werd gewezen door rechter M.L.M. van der Voet, in aanwezigheid van griffier L.M. Steur.