ECLI:NL:GHAMS:2025:1918
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vervangende toestemming verhuizing minderjarige naar Frankrijk
De zaak betreft een geschil tussen ouders over de verhuizing van hun minderjarige dochter naar Frankrijk. De moeder heeft zonder toestemming van de vader met de minderjarige naar Frankrijk verhuisd, wat leidde tot een procedure over vervangende toestemming en gezagskwesties. De rechtbank verleende de moeder vervangende toestemming om met de minderjarige in Frankrijk te wonen, wat de vader betwistte en waartegen hij in hoger beroep ging.
Het hof bevestigt de Nederlandse rechtsmacht en beoordeelt het geschil aan de hand van het Nederlandse recht. Het belang van de minderjarige staat centraal, waarbij het hof oordeelt dat de situatie in Frankrijk veilig en stabiel is en dat de minderjarige daar gelukkig is en goed functioneert op school. Het contact met de vader is al lange tijd verbroken, en het hof acht het niet in het belang van het kind om haar terug te laten keren naar Nederland.
De vader vordert onder meer beëindiging van het gezamenlijk gezag en wijziging van de hoofdverblijfplaats, maar deze verzoeken worden afgewezen. Het hof wijst ook het verzoek tot deskundigenonderzoek af, omdat er geen concrete zorgen zijn die dat rechtvaardigen. Het hof benadrukt het belang van informatie-uitwisseling tussen ouders om contactherstel mogelijk te maken en hoopt dat verdere procedures achterwege blijven.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking en verleent de moeder vervangende toestemming om met de minderjarige in Frankrijk te wonen, waarbij de verzoeken van de vader worden afgewezen.