ECLI:NL:GHAMS:2025:1501
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging zorgregeling en verdeling halen en brengen minderjarige na echtscheiding
De zaak betreft een geschil tussen ouders over de praktische uitvoering van de zorgregeling voor hun minderjarige kind na echtscheiding. De rechtbank had bepaald dat de vader het kind eenmaal per veertien dagen bij zich heeft en dat het halen en brengen om en om wordt verdeeld, waarbij iedere ouder eens per maand verantwoordelijk is.
De vader is het hier niet mee eens en verzoekt dat de moeder het halen en brengen volledig voor haar rekening neemt, vanwege zijn niet-aangeboren hersenletsel en financiële beperkingen. De moeder stemt in met de beschikking van de rechtbank. Het hof bevestigt de bevoegdheid van de Nederlandse rechter en het toepasselijke Nederlandse recht.
Het hof overweegt dat beide ouders verantwoordelijk blijven voor het kind en dat een gelijke verdeling van het halen en brengen passend is. Ondanks de beperkingen van de vader en zijn financiële situatie acht het hof onvoldoende aannemelijk dat hij niet in staat is om zijn aandeel in het vervoer te verzorgen. De moeder heeft haar aandeel nagekomen en ook zij is afhankelijk van familie voor vervoer. Het hof bekrachtigt de beschikking en wijst het hoger beroep van de vader af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de zorgregeling en wijst het verzoek van de vader af, waarbij het halen en brengen om en om wordt verdeeld.