ECLI:NL:GHAMS:2024:660
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing echtscheiding en huurrecht echtelijke woning aan vrouw na duurzame ontwrichting huwelijk
Partijen zijn gehuwd sinds 1987 en hebben drie meerderjarige zoons, waarvan twee nog in de echtelijke woning wonen. De man kwam in hoger beroep tegen de echtscheiding en de toewijzing van het huurrecht aan de vrouw, stellende dat hij meer belang had bij de woning en dat er afspraken waren dat de vrouw zou verhuizen.
Het hof bevestigt dat het huwelijk duurzaam ontwricht is, mede omdat partijen al ruim tien jaar gescheiden leven binnen de woning. De man erkent de ontwrichting, maar verzet zich tegen de toewijzing van het huurrecht aan de vrouw.
Bij de belangenafweging weegt het hof het belang van de vrouw zwaarder, mede omdat zij samenleeft met de twee jongste zoons die nog thuis wonen en de man nauwelijks contact met hen heeft. De vrouw kan niet bij haar oudste zoon intrekken en heeft geen alternatieve woonruimte. De man heeft medische klachten, maar deze binden hem niet zodanig aan de woning dat zijn belang zwaarder weegt.
Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de rechtbank en wijst het huurrecht toe aan de vrouw, waarbij het verzoek van de man wordt afgewezen.
Uitkomst: De echtscheiding wordt bevestigd en het huurrecht van de echtelijke woning wordt toegewezen aan de vrouw.