ECLI:NL:GHAMS:2024:455
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beslissing over toekenning huurrecht en partneralimentatie na echtscheiding
Partijen zijn in 1992 gehuwd geweest en zijn op 5 oktober 2023 gescheiden. Tijdens het huwelijk waren zij samen huurder van de echtelijke woning. De rechtbank had bepaald dat de man huurder zou zijn van de woning. De vrouw kwam in hoger beroep en verzocht om het huurrecht aan haar toe te kennen en partneralimentatie te ontvangen. De man voerde verweer en stelde ook incidenteel hoger beroep in.
Het hof oordeelde dat de vrouw in hoger beroep haar verzoek omtrent het huurrecht mocht wijzigen, maar dat zij niet aannemelijk had gemaakt dat haar belang bij het huurrecht zwaarder woog dan dat van de man. Beide partijen dreigen dakloos te worden indien het huurrecht aan de ander wordt toegekend, en de door de vrouw aangevoerde omstandigheden werden onvoldoende onderbouwd.
Ten aanzien van partneralimentatie stelde het hof vast dat de vrouw ontvankelijk was in haar verzoek. De vrouw had een aanvullende behoefte van €900 netto per maand, terwijl de man een draagkracht van €559 bruto per maand heeft. Het hof stelde de partneralimentatie daarom vast op €559 per maand. Het meer of anders verzochte werd afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het huurrecht aan de man en bepaalt partneralimentatie van €559 per maand aan de vrouw.