ECLI:NL:GHAMS:2024:2545
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging verlenging machtiging uithuisplaatsing en zorgregeling kinderen bij vader
De zaak betreft het hoger beroep tegen de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen bij hun vader en de vaststelling van een zorgregeling tussen de moeder en de kinderen. De rechtbank had op 21 februari 2024 de machtiging tot uithuisplaatsing verlengd tot 28 februari 2025 en een zorgregeling vastgesteld waarbij de moeder één uur per week onder professionele begeleiding omgang heeft met de kinderen.
De moeder betwistte deze beslissingen en verzocht om afwijzing of kortere verlenging van de machtiging en een ruimere zorgregeling met meer omgangstijd. De gecertificeerde instelling (GI) en de vader steunden de beslissingen. Het hof heeft de minderjarige [minderjarige 1] de gelegenheid gegeven zijn mening te geven, maar hij heeft daarvan geen gebruik gemaakt.
Uit het dossier en de zitting bleek dat de kinderen sinds maart 2023 onder toezicht staan vanwege ernstige zorgen over hun ontwikkeling en gedragsproblemen. De moeder kampt met persoonlijke problematiek waaronder een licht verstandelijke beperking, trauma en ADHD, en belast de kinderen met haar negatieve beeld van de vader. De intensieve gezinsbehandeling bij de moeder heeft onvoldoende effect gehad, waardoor de kinderen in november 2023 met een machtiging tot uithuisplaatsing bij de vader zijn geplaatst.
Het hof constateert dat het goed gaat met de kinderen bij de vader, die zich veiliger voelen en positieve ontwikkelingen doormaken. De moeder is onvoldoende in staat gebleken om de kinderen de benodigde zorg te bieden en blijft hen belasten met ouderproblematiek. De omgangsregeling met de moeder is beperkt tot één uur per week onder begeleiding, omdat uitbreiding niet in het belang van de kinderen is zolang de moeder niet aan de voorwaarden voldoet.
Het hof bekrachtigt de bestreden beschikking en wijst de verzoeken van de moeder af, waarbij het belang van de kinderen voorop staat en verdere uitbreiding van de zorgregeling pas mogelijk is bij verbetering van de situatie.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing en handhaaft de zorgregeling met beperkte omgang onder begeleiding met de moeder.