Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Vonnis waarvan beroep
Oplegging van straf
(verder: BOA’s)en heeft daarbij geweld gebruikt, waardoor beide BOA’s letsel hebben opgelopen. Dit is een ernstig feit omdat het niet alleen het werk van de BOA’s bemoeilijkt, maar hun ook in hun gezag aantast. Bovendien getuigt dergelijk gedrag jegens BOA’s in functie van een gebrek aan respect voor het openbaar gezag. Daarnaast heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan bedreiging met zware mishandeling tegen één van de BOA’s. Door zijn handelen heeft de verdachte niet alleen angst bij het slachtoffer veroorzaakt, maar tevens de openbare veiligheid geschaad, hetgeen tot gevoelens van angst en onrust leidt in de samenleving.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
(hierna: BW).Als – voor zover hier van belang – bij een benadeelde partij geen sprake is van lichamelijk letsel of van schade in zijn eer of goede naam, dient de benadeelde partij ‘op andere wijze’ in zijn persoon te zijn aangetast, wil hij aanspraak kunnen maken op vergoeding van immateriële schade. Van de in artikel 6:106, aanhef en onder b, BW bedoelde aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ is in ieder geval sprake indien de benadeelde partij geestelijk letsel heeft opgelopen. Degene die zich hierop beroept, zal voldoende concrete gegevens moeten aanvoeren waaruit kan volgen dat in verband met de omstandigheden van het geval psychische schade is ontstaan. Daartoe is vereist dat naar objectieve maatstaven het bestaan van geestelijk letsel kan worden vastgesteld. Voor het aannemen van een persoonsaantasting is niet voldoende dat sprake is geweest van meer of minder sterk psychisch onbehagen of een zich gekwetst voelen. Daarnaast kunnen de aard en de ernst van de normschending en van de gevolgen daarvan voor de benadeelde meebrengen dat van de bedoelde aantasting in zijn persoon op andere wijze sprake is. In beginsel zal degene die zich hierop beroept de aantasting in zijn persoon met concrete gegevens moeten onderbouwen. In voorkomend geval kunnen de aard en de ernst van de normschending meebrengen dat de in dit verband relevante nadelige gevolgen daarvan voor de benadeelde zo voor de hand liggen, dat een aantasting in de persoon kan worden aangenomen.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
2 (twee) weken.
1 (één) jaaraan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.