Uitspraak
mr. T.G.L.M. Meevisen
mr. R. van Kersbergen, beiden kantoorhoudende te Eindhoven,
[C],
- verzoekster als [[A] B.V.] ;
- verweerster als Willibrordushof;
- belanghebbenden ieder afzonderlijk als [[B] B.V.] en [C] .
Gerechtshof Amsterdam
De Ondernemingskamer Amsterdam behandelde een zaak waarbij de besloten vennootschap [A] B.V. een onderzoek liet verrichten naar het beleid en de gang van zaken van Willibrordushof Projectontwikkeling B.V. over de periode vanaf 29 maart 2016. Op 27 oktober 2022 werd een onderzoek bevolen en een onderzoeker benoemd, met kosten ten laste van Willibrordushof. Het onderzoeksbudget werd vastgesteld op €38.750 exclusief btw en later verhoogd tot €50.775 exclusief btw.
Op 19 juni 2024 diende de onderzoeker het onderzoeksverslag in, dat op 25 juni 2024 ter griffie werd neergelegd. De Ondernemingskamer nam kennis van het verslag en oordeelde dat op grond van artikel 2:353 lid 2 BW Pro het verslag ter inzage moet liggen voor belanghebbenden. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
De procedure kende eerdere beschikkingen van 27 oktober 2022, 5 januari 2023 en 24 juni 2024, waarin het onderzoek werd bevolen en het budget vastgesteld en verhoogd. De verweerster Willibrordushof en de belanghebbenden verschenen niet in de zitting. De beschikking werd uitgesproken door vijf raadsheren en in het openbaar bekendgemaakt.
Uitkomst: Het onderzoeksverslag over het beleid en de gang van zaken van Willibrordushof Projectontwikkeling B.V. ligt ter griffie ter inzage voor belanghebbenden.