ECLI:NL:GHAMS:2024:1532
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- A.W.T. Klappe
- R.D. van Heffen
- A.R.O. Mooy
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding voor onrechtmatige voorlopige hechtenis ondanks veroordeling in andere zaken
Verzoeker diende een verzoek in tot schadevergoeding wegens onrechtmatige inverzekeringstelling en voorlopige hechtenis in verband met een poging-doodslagzaak (zaak C). Hoewel verzoeker in andere zaken (A en B) veroordeeld werd tot een taakstraf, werd hij in zaak C ontslagen van alle rechtsvervolging.
Het hof oordeelde dat er geen dwingend verband bestond tussen zaak C en de andere zaken A en B, die van een geheel andere aard waren en oorspronkelijk door de politierechter behandeld zouden worden. De samenvoeging van de zaken was puur proceseconomisch.
Op grond van billijkheidsoverwegingen kende het hof verzoeker een vergoeding toe van €34.000 voor 3 dagen inverzekeringstelling en 367 dagen voorlopige hechtenis, met verrekening van voorarrest. Daarnaast werd €680 toegekend voor kosten rechtsbijstand in de procedure. Het verzoek tot verdere vergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Verzoeker krijgt een schadevergoeding van €34.680 toegekend voor onrechtmatige voorlopige hechtenis en kosten rechtsbijstand.