In hoger beroep is het vonnis van de politierechter vernietigd en is opnieuw recht gedaan. De verdachte werd beschuldigd van afpersing waarbij hij het slachtoffer met geweld en een schaar bedreigde om diens rugzak af te nemen.
De aangever verklaarde dat hij op het Centraal Station werd vastgegrepen bij de hals en gezichtsslagen kreeg terwijl de verdachte een schaar toonde. De tas van het slachtoffer en een schaar werden bij de verdachte aangetroffen. De verdachte werd door het slachtoffer als dader aangewezen.
De verdediging stelde dat de verdachte werd aangevallen en dat slechts diefstal bewezen kon worden, maar het hof achtte de verklaring van het slachtoffer en het bewijs overtuigend. De verdachte werd veroordeeld tot 6 maanden gevangenisstraf met aftrek van voorarrest. De schaar is verbeurd verklaard.
De straf is bepaald met inachtneming van de ernst van het feit, de maatschappelijke impact en eerdere geweldsveroordelingen van de verdachte. Het hof volgde de LOVS-oriëntatiepunten voor zakkenrollerij en geweldsdelicten.