ECLI:NL:GHAMS:2023:406
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontzetting gerechtsdeurwaarder wegens bewaringstekorten en administratiegebreken
Het Bureau Financieel Toezicht (BFT) voerde een onderzoek uit naar de financiële positie van het kantoor van de oud-gerechtsdeurwaarder, waarbij meerdere bewaringstekorten, tekortkomingen in de administratie en onrechtmatige overboekingen van de derdengeldenrekening werden vastgesteld. Naar aanleiding hiervan werd de gerechtsdeurwaarder geschorst en uiteindelijk ontzet uit het ambt.
De oud-gerechtsdeurwaarder ging in hoger beroep tegen de opgelegde maatregel, waarbij hij de gegrondheid van de klacht niet betwistte maar wel verzocht om een beperking van de termijn waarbinnen hij niet aan een gerechtsdeurwaarder kan worden toegevoegd. Het hof oordeelde dat de klacht gegrond is en bevestigde de ontzetting, maar beperkte de termijn van niet-toevoeging tot drie maanden, zodat de oud-gerechtsdeurwaarder onder toezicht als toegevoegd gerechtsdeurwaarder kan werken.
De maatregel van ontzetting is passend geacht vanwege het belang van vertrouwen in het ambt en de ernst van de inbreuk op de bewaringsplicht. De termijn van vijf jaar waarbinnen geen waarneming mogelijk is, blijft ongewijzigd. Het hof legde geen kostenveroordeling op in hoger beroep vanwege het gedeeltelijk geslaagde maatregelverweer.
De ontzetting gaat in op 22 februari 2023 en de beslissing werd in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer van het hof Amsterdam.
Uitkomst: Het hof bevestigt de ontzetting van de oud-gerechtsdeurwaarder en beperkt de termijn van niet-toevoeging tot drie maanden.