ECLI:NL:GHAMS:2023:3473
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen verbod op uitzending met verborgen camera over rijschoolhouder ondanks privacy- en proportionaliteitsbedenking
De zaak betreft een hoger beroep tegen een vonnis van de voorzieningenrechter waarin een rijschoolhouder, veroordeeld voor ontucht, een verbod vordert op een voorgenomen televisie-uitzending van Noordkaap TV Producties. In het programma 'Undercover in Nederland' worden verborgen camerabeelden getoond die betrekking hebben op zijn theorielesactiviteiten, ondanks dat hij niet over de vereiste WRM-lesbevoegdheidspas beschikt.
De voorzieningenrechter wees de vorderingen af, en ook het hof bekrachtigt dit vonnis. Het hof overweegt dat de vrijheid van meningsuiting en het verbod op voorafgaand toezicht op uitzendingen (artikel 7 lid 2 Grondwet Pro) niet zonder meer kunnen worden doorbroken. Er zijn onvoldoende uitzonderlijke omstandigheden die een verbod rechtvaardigen, ook al zou de inzet van de verborgen camera disproportioneel zijn.
Het hof stelt vast dat de strafrechtelijke veroordeling en de daaruit voortvloeiende bekendheid in de directe omgeving van appellant reeds tot aanzienlijke bekendheid hebben geleid. De voorgenomen uitzending zal deze bekendheid weliswaar vergroten, maar niet zodanig dat een verbod gerechtvaardigd is. Bovendien zijn de beelden geblurred en worden aanvullende maatregelen genomen om herkenbaarheid te beperken. De grieven van appellant worden verworpen en hij wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bekrachtigt het vonnis dat een verbod op de uitzending met verborgen camerabeelden niet gerechtvaardigd is.