Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
- [de zoon] , wonende te [plaats C] , Curaçao, zoon van [de vader ] en [de moeder] (hierna: de zoon);
- Stichting CAV, gevestigd te Zoetermeer.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Amsterdam
Deze zaak betreft een hoger beroep over de bewindvoering van de goederen van de vader, die in 2023 is overleden. De kantonrechter had Stichting CAV benoemd tot bewindvoerder, maar de moeder had hoger beroep ingesteld om Stichting CAV te ontslaan en zichzelf als bewindvoerder te benoemen. Het gerechtshof Den Haag had deze beslissing vernietigd en de moeder gelijk gegeven, maar de Hoge Raad vernietigde dit arrest en verwees de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam.
Na verwijzing heeft het gerechtshof Amsterdam de stand van zaken onderzocht, waarbij bleek dat Stichting CAV niet bereid was haar werkzaamheden als bewindvoerder voort te zetten. Tijdens de procedure overleed de vader, waardoor het bewind volgens artikel 1:449 lid 1 BW Pro van rechtswege eindigde.
Het hof oordeelt dat het belang van de moeder bij het hoger beroep is komen te vervallen door het overlijden van de vader. Het algemene belang van Stichting CAV bij voortzetting van de procedure is onvoldoende onderbouwd. Daarom wordt de beschikking van de kantonrechter bekrachtigd en het verzoek van de moeder afgewezen. Het bewind en de taak van de bewindvoerder zijn per het overlijden geëindigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking van de kantonrechter en wijst het verzoek van de moeder tot wijziging van de bewindvoering af vanwege het overlijden van de vader.