ECLI:NL:GHAMS:2023:2918
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Klacht ongegrond verklaard tegen oud-gerechtsdeurwaarder na overdracht kantoor en incasso-opdracht
Klager had vanaf september 2021 contact met de oud-gerechtsdeurwaarder over een incasso-opdracht. Op 1 oktober 2021 droeg de oud-gerechtsdeurwaarder zijn kantoor en lopende zaken over aan een andere gerechtsdeurwaarder, waarna hij nog enige tijd als adviseur verbonden bleef. Klager bleef echter tot 15 december 2021 in het ongewisse over de voortgang van de incasso.
De kamer voor gerechtsdeurwaarders had de klacht tegen de oud-gerechtsdeurwaarder gegrond verklaard en een waarschuwing opgelegd. De oud-gerechtsdeurwaarder ging in hoger beroep en betoogde dat hij sinds de overdracht geen bemoeienis meer had met de zaak. Het hof oordeelde dat de klacht hem niet meer aangaat omdat klager vanaf eind oktober 2021 rechtstreeks met de nieuwe gerechtsdeurwaarder correspondeerde.
Het hof stelde tevens vast dat de kamer in eerste aanleg de oud-gerechtsdeurwaarder onvoldoende gelegenheid had gegeven zijn standpunt mondeling toe te lichten en dat het proces-verbaal niet was verstrekt. Desondanks vernietigde het hof de bestreden beslissing en verklaarde de klacht ongegrond, waarbij het tevens benadrukte dat in een tuchtprocedure geen ruimte is voor schadevergoeding.
Uitkomst: De klacht tegen de oud-gerechtsdeurwaarder wordt ongegrond verklaard en de bestreden beslissing vernietigd.