ECLI:NL:GHAMS:2023:2468
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over kinderalimentatie en zorgregeling met aangepaste draagkracht vader
Partijen zijn ouders van drie minderjarige kinderen en oefenden gezamenlijk het gezag uit. De rechtbank had een zorgregeling en kinderalimentatie vastgesteld, waartegen de vader in hoger beroep ging vanwege zijn lagere draagkracht door hogere woonlasten en andere lasten.
Het hof bevestigt de zorgregeling en wijzigt de kinderalimentatie. De draagkracht van de vader wordt vastgesteld op basis van zijn netto besteedbaar inkomen minus werkelijke woonlasten, aflossingen en herinrichtingskosten. De woonlasten worden hoger vastgesteld dan het forfait, gezien zijn spoedeisend belang bij passende woonruimte.
De moeder ontvangt een bijstandsuitkering en wordt geen draagkracht toegerekend. De vader krijgt een zorgkorting van 25% vanwege de frequentie van zorg, maar vanwege het gezamenlijke draagkrachttekort wordt deze gedeeltelijk toegepast. De vader moet €72 per kind per maand betalen tot 1 juli 2023 en €106 per kind daarna. Het verzoek tot schorsing wordt afgewezen.
Uitkomst: De vader moet vanaf 16 juni 2022 €72 per kind per maand betalen en vanaf 1 juli 2023 €106 per kind per maand aan kinderalimentatie, rekening houdend met zijn werkelijke woonlasten.