ECLI:NL:GHAMS:2023:2317
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Toekenning vergoeding kosten rechtsbijstand en onderzoek na verzoek op grond van art. 529 en 530 Sv
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de beschikking van de raadkamer van de rechtbank Amsterdam, waarin zijn verzoek om vergoeding van kosten werd afgewezen op grond van een redelijk vermoeden van schuld.
Het hof heeft het verzoek beoordeeld en geoordeeld dat de gemaakte kosten voor het onderzoek het belang van het onderzoek dienden, waardoor vergoeding van € 41,80 op grond van artikel 529 Sv Pro passend is. Daarnaast zijn gronden van billijkheid aanwezig voor vergoeding van de kosten van rechtsbijstand in de strafzaak en in de verzoekschriftprocedure, respectievelijk € 750,00 en € 680,00, op grond van artikel 530 Sv Pro.
Het hof vernietigt de eerdere beschikking en wijst het verzoek toe, waarbij een totaalbedrag van € 1.471,89 wordt toegewezen. Appellant en zijn advocaat waren niet aanwezig bij de raadkamerzitting, maar de advocaat-generaal heeft geadviseerd tot toewijzing van het verzoek.
Uitkomst: Het hof vernietigt de eerdere beschikking en kent appellant een vergoeding toe van in totaal € 1.471,89 voor onderzoekskosten en kosten rechtsbijstand.