ECLI:NL:GHAMS:2023:1881
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bevestiging partneralimentatie ondanks nietigheid kerkelijk huwelijk en inspanningsverplichting alimentatiegerechtigde
Partijen waren ruim dertig jaar gehuwd en hebben vijf meerderjarige kinderen. Het huwelijk werd in 2018 ontbonden met een convenant waarin partneralimentatie werd vastgesteld. De man verzocht de partneralimentatie met ingang van 1 september 2021 op nihil te stellen, stellende dat de vrouw onvoldoende inspanningen verricht om in haar eigen levensonderhoud te voorzien en dat de lotsverbondenheid door de nietigheid van het kerkelijk huwelijk was verbroken.
Het hof oordeelde dat de vrouw een inspanningsverplichting heeft om in haar levensonderhoud te voorzien, maar dat de man onvoldoende heeft aangetoond dat zij volledig zelfstandig kan voorzien. De onderneming van de vrouw was sinds 2002 niet winstgevend en haar leeftijd en arbeidsverleden beperken haar verdiencapaciteit. De nietigheid van het kerkelijk huwelijk heeft geen invloed op de juridische verplichting tot partneralimentatie.
Het hof bevestigde dat de man ontvankelijk is in zijn verzoek, maar dat het verzoek tot nihilstelling onvoldoende is onderbouwd. De alimentatie blijft daarom ongewijzigd. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot nihilstelling van de partneralimentatie af en bekrachtigt de bestreden beschikking.