ECLI:NL:GHAMS:2022:989
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding op grond van onvoldoende onderbouwing erfenis en besteding
Partijen zijn in 2014 gehuwd onder huwelijkse voorwaarden met uitsluiting van gemeenschap van goederen, waarbij bij echtscheiding zou worden afgerekend alsof zij in gemeenschap van goederen waren gehuwd. In 2016 zijn de voorwaarden aangepast vanwege de aankoop van een woning in Spanje met erfenisgeld van de man.
De man vorderde een vergoeding van € 89.850,- van de vrouw in het kader van de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden. De rechtbank wees dit verzoek af wegens onvoldoende onderbouwing van de herkomst en besteding van de erfenisgelden.
In hoger beroep bevestigt het hof deze afwijzing. De man heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij met erfenisgeld heeft bijgedragen aan de echtelijke woning of andere vermogensbestanddelen van de vrouw. De door de man overgelegde stukken en verklaringen bieden onvoldoende feitelijke onderbouwing. De kosten van het hoger beroep worden tussen partijen gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de man tot vergoeding af wegens onvoldoende onderbouwing van de herkomst en besteding van erfenisgelden.