ECLI:NL:GHAMS:2022:811

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
1 maart 2022
Publicatiedatum
18 maart 2022
Zaaknummer
23-000956-21
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 OpiumwetArt. 10 OpiumwetArt. 9 SrArt. 22c SrArt. 22d Sr
Verwijzingen
9 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep opzetheling en opzettelijk bezit MDMA en cocaïne

Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 2 april 2021. Verdachte werd primair bewezenverklaard van opzetheling van 18,7 gram MDMA en 3,3 gram cocaïne, gepleegd tussen 15 oktober 2020 en 2 november 2020 te Julianadorp, gemeente Den Helder. Tevens werd bewezen verklaard dat verdachte opzettelijk handelde in strijd met het verbod van artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet op 2 november 2020.

Het hof vernietigde het vonnis waarvan beroep en deed opnieuw recht. De straf bestaat uit een gevangenisstraf van 1 dag, waarbij de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht, een taakstraf van 120 uur en 60 dagen hechtenis. Daarnaast werd een voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 week, opgelegd door de politierechter in een eerdere zaak, omgezet in een taakstraf van 30 uur en 1 week hechtenis bij niet-nakoming.

Tijdens de terechtzitting hebben verdachte en de advocaat-generaal afstand gedaan van het recht om beroep in cassatie in te stellen. Het vonnis is gewezen door mr. V.M.A. Sinnige, in aanwezigheid van mr. S.K. van Eck, griffier.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 1 dag gevangenisstraf met aftrek, 120 uur taakstraf en 60 dagen hechtenis wegens opzetheling en opzettelijk bezit van drugs.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer(s) eerste aanleg : 15-018591-21 en 15-165165-19 (TUL)
parketnummer hoger beroep : 23-000956-21
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 1 maart 2022 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 2 april 2021 in de zaak tegen de verdachte:
naam:
[verdachte]
voornamen:
geboren: op [geboorteplaats] 1998 te [geboortedag]
adres: [adres].

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het onder 1 primair bewezenverklaarde levert op:
opzetheling,
gepleegd in de periode van 15 oktober 2020 tot en met 2 november 2020 te Julianadorp, gemeente Den Helder.
Het onder 2 bewezenverklaarde levert op:
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet gegeven verbod,
gepleegd op 2 november 2020 te Julianadorp, gemeente Den Helder.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De artikelen 2 en 10 van de Opiumwet en de artikelen 9, 22c, 22d, 57, 63 en 416 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
1 (één) dag.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
120 (honderdtwintig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
60 (zestig) dagen hechtenis.
Gelast in plaats van de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 22 juli 2019 met parketnummer 15-165165-19, te weten een gevangenisstraf voor de duur van 1 week, een
taakstrafvoor de duur van
30 (dertig) uren, bij gebreke van het naar behoren verrichten te vervangen door
1 (één) week hechtenis.
Gewezen door mr. V.M.A. Sinnige, in bijzijn van mr. S.K. van Eck, griffier.
mr. V.M.A. Sinnige
De verdachte en de advocaat-generaal hebben ter terechtzitting afstand gedaan van het recht beroep in cassatie in te stellen.