ECLI:NL:GHAMS:2022:448
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens ontbreken grieven
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 9 februari 2022 uitspraak gedaan over het hoger beroep van verdachte tegen het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Amsterdam van 29 september 2021. De verdachte heeft geen schriftelijke grieven ingediend en ook mondeling geen bezwaren tegen het vonnis kenbaar gemaakt. Daarnaast is niet gebleken dat er enig rechtens te respecteren belang is dat onderzoek van de zaak rechtvaardigt.
Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering heeft het hof de verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Dit betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk is behandeld omdat de formele vereisten voor ontvankelijkheid niet zijn vervuld.
De beslissing is genomen door de enkelvoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarbij mr. N.A. Schimmel als rechter heeft gewezen en J.L. Sterkenburg als griffier aanwezig was. De uitspraak betreft een procedurele afwijzing zonder inhoudelijke beoordeling van de strafzaak.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven.