ECLI:NL:GHAMS:2022:437

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
17 februari 2022
Publicatiedatum
17 februari 2022
Zaaknummer
23-001683-21
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 63 SrArt. 310 Sr
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging en wijziging strafoplegging in hoger beroep wegens strafbaar feit

Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter te Amsterdam van 31 mei 2021. De verdachte, geboren in 1986, werd in eerste aanleg veroordeeld voor een strafbaar feit onder toepassing van de artikelen 14a, 14b, 14c, 63 en 310 van het Wetboek van Strafrecht.

Het hof vernietigde het vonnis voor wat betreft de strafoplegging en deed in dat onderdeel opnieuw recht. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van één week en een taakstraf van zestig uur. De gevangenisstraf wordt niet ten uitvoer gelegd, tenzij de verdachte zich binnen een proeftijd van twee jaar opnieuw schuldig maakt aan een strafbaar feit.

Daarnaast werd een eerdere voorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken met een proeftijd van twee jaar bevestigd, evenals een hechtenis van veertien dagen die bij gebreke van het verrichten van de taakstraf moet worden uitgevoerd. Voor het overige bevestigde het hof het vonnis van de politierechter. Zowel de verdachte als de advocaat-generaal deden afstand van het recht om cassatie in te stellen.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van één week en een taakstraf van zestig uur met een proeftijd van twee jaar.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer(s) eerste aanleg : 13-303909-20 en 15-191942-18 (TUL)
parketnummer hoger beroep : 23-001683-21
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van
7 januari 2022 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 31 mei 2021 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1986 te [geboorteplaats]
adres: [adres].

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 14a, 14b, 14c, 63 en 310 van het Wetboek van Strafrecht.
Deze wettelijke voorschriften worden toegepast zoals geldend ten tijde van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de straf en doet in zoverre opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
1 (één) week.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Gelast in plaats van de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 3 december 2018 met parketnummer 15-191942-18, te weten een gevangenisstraf voor de duur van 2 weken met een proeftijd van 2 jaren, een
taakstrafvoor de duur van
60 (zestig) uren, bij gebreke van het naar behoren verrichten te vervangen door
14 (veertien) dagen hechtenis.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.
Gewezen door mr. N.A. Schimmel, in bijzijn van J.L. Sterkenburg, griffier.
mr. N.A. Schimmel
De verdachte en de advocaat-generaal hebben ter terechtzitting afstand gedaan van het recht beroep in cassatie in te stellen.