ECLI:NL:GHAMS:2022:3461
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.C.W. Rang
- E.M. Polak
- M.E. Hinskens - van Neck
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging contact- en straatverbod na ernstig geweldsdelict tussen buren
Partijen zijn sinds 2000 buren met een lange voorgeschiedenis van conflicten, waaronder klachten over geluidsoverlast en mishandeling. In 2019 is een bindend advies gegeven dat contact en agressief gedrag tussen partijen verbood met boetes bij overtreding.
Op 20 april 2022 heeft appellant met een hamer een buurvrouw in het hoofd geslagen, wat leidde tot zijn aanhouding en voorlopige hechtenis. De voorzieningenrechter legde in kort geding een contactverbod, straatverbod en dwangsom op.
Appellant stelde in hoger beroep dat er geen spoedeisend belang was vanwege zijn detentie en dat het straatverbod een disproportionele inbreuk op zijn bewegingsvrijheid en huisrecht vormde. Het hof oordeelde dat het gevaar voor herhaling en de ernst van het geweld de verboden rechtvaardigen, ook gezien de onzekerheid over de duur van de voorlopige hechtenis en de woningnood.
Het hof vond het contactverbod met dwangsom proportioneel en noodzakelijk, ondanks de toezegging van appellant zich eraan te houden. Het straatverbod is gerechtvaardigd vanwege het huisrecht en bewegingsvrijheid schendende karakter, maar noodzakelijk ter bescherming van geïntimeerden. Het vonnis is bekrachtigd en appellant veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat een contact- en straatverbod oplegt met dwangsom aan appellant na ernstig geweldsdelict.