ECLI:NL:GHAMS:2022:3077

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
17 oktober 2022
Publicatiedatum
31 oktober 2022
Zaaknummer
23-000320-21
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 SrArt. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 22c Sr
Verwijzingen
11 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep wegens niet meewerken aan ademanalyse bij verkeersovertreding

In deze zaak stond de verdachte terecht voor het niet meewerken aan een ademanalyse, een overtreding van artikel 163, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994, gepleegd op 19 september 2020 te Schagen. De politierechter had eerder een vonnis gewezen, waartegen het hoger beroep was ingesteld.

Het gerechtshof Amsterdam vernietigde het vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht. De verdachte werd veroordeeld tot een taakstraf van 30 uur en 15 dagen hechtenis, met een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 9 maanden. Daarnaast werd een bijkomende straf van ontzegging opgelegd voor een periode van 3 maanden tot 2 jaar, waarvan een gedeelte niet ten uitvoer zal worden gelegd onder voorwaarden.

Het hof bepaalde tevens dat de periode waarin het rijbewijs van de verdachte reeds was ingevorderd of ingehouden, in mindering wordt gebracht op de duur van de bijkomende straf. Tevens werd een eerdere voorwaardelijke hechtenisstraf van 3 weken vervangen door een taakstraf van 90 uur en 45 dagen hechtenis. Het arrest werd gewezen door mr. D. Radder, in aanwezigheid van griffier E.C. van Eijck van Heslinga.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot taakstraf, hechtenis en ontzegging rijbevoegdheid wegens niet meewerken aan ademanalyse.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer(s) eerste aanleg : 96-278734-20 en 23-000016-18 (TUL)
parketnummer hoger beroep : 23-000320-21
TEGENSPRAAK(gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 17 oktober 2022 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 5 februari 2021 in de zaak tegen de verdachte:
naam:
[verdachte01]
voornamen: [verdachte01]
geboren: op [geboortedatum01] 1983 te [geboorteplaats01] ( [geboorteland01] )
adres: [adres01] .

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 163, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Gepleegd op 19 september 2020 te Schagen.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 163, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
30 (dertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
15 (vijftien) dagen hechtenis.
Ontzegt de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde de
bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
9 (negen) maanden.
Bepaalt dat een gedeelte van de bijkomende straf van ontzegging, groot
3 (drie) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Bepaalt dat de tijd, gedurende welke het rijbewijs van de verdachte ingevolge artikel 164 van Pro de Wegenverkeerswet 1994 vóór het tijdstip, waarop deze uitspraak voor wat betreft de in artikel 179 van Pro die wet genoemde bijkomende straf voor tenuitvoerlegging vatbaar is geworden, ingevorderd of ingehouden is geweest, op de duur van bovengenoemde bijkomende straf geheel in mindering zal worden gebracht.
Gelast in plaats van de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij arrest van het gerechtshof Amsterdam van 19 februari 2019 met parketnummer 23-000016-18, te weten een hechtenis voor de duur van 3 weken, een
taakstrafvoor de duur van
90 (negentig) uren, bij gebreke van het naar behoren verrichten te vervangen door
45 (vijfenveertig) dagen hechtenis.
Gewezen door mr. D. Radder, in bijzijn van E.C. van Eijck van Heslinga, griffier.
mr. D. Radder