ECLI:NL:GHAMS:2022:3050

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
27 oktober 2022
Publicatiedatum
28 oktober 2022
Zaaknummer
23-000854-21
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 422 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte van belediging van politieambtenaren tijdens rechtmatige dienst

In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis vernietigd en de verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde feit van belediging van politieambtenaren. De verdachte werd ervan beschuldigd op of omstreeks 19 juni 2020 in Amsterdam beledigende woorden te hebben geuit tegen twee hoofdagenten tijdens de rechtmatige uitoefening van hun dienst.

De advocaat-generaal had een geldboete van €200,- of subsidiair 4 dagen hechtenis gevorderd, gelijk aan de straf in eerste aanleg. Het hof heeft het bewijs onderzocht en geoordeeld dat hoewel het dossier voldoende wettig bewijs bevat voor een bewezenverklaring van het feit, het bewijs onvoldoende overtuigend is dat de verdachte zelf de beledigende woorden heeft geuit.

Daarom kon het hof de tenlastegelegde belediging niet bewezen verklaren en sprak het de verdachte vrij. Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht door de verdachte vrij te spreken.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van belediging wegens onvoldoende overtuigend bewijs.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000854-21
datum uitspraak: 27 oktober 2022
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 19 maart 2021 in de strafzaak onder parketnummer 13-160864-20 tegen
[verdachte01],
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 2001,
adres: [adres01] .

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 13 oktober 2022 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en de raadsman naar voren hebben gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:
hij op of omstreeks 19 juni 2020 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, opzettelijk tezamen en in vereniging me een ander of anderen, althans alleen, een of meerdere ambtenaren, te weten [verbalisant01] (hoofdagent van de politie Eenheid Amsterdam) en/of [verbalisant02] (hoofdagent van de politie Eenheid Amsterdam), gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn/haar/hun bediening, in zijn/haar/hun tegenwoordigheid, mondeling heeft beledigd, door hem/haar/hen de woorden toe te voegen: 'kankerhomo' en/of 'kankerflikker', althans woorden van gelijke beledigende aard en/of strekking;
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere bewijsbeslissing komt dan de politierechter.

Vordering van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de rechter in eerste aanleg opgelegd, te weten een geldboete van € 200,00 subsidiair 4 dagen hechtenis.

Vrijspraak

Het hof is van oordeel dat het dossier voldoende wettig bewijs bevat voor een bewezenverklaring van het aan de verdachte ten laste gelegde, maar overweegt dat het aan de inhoud van die bewijsmiddelen onvoldoende de overtuiging kan ontlenen dat ook de verdachte beledigende woorden heeft geuit tegen de verbalisanten. Dat brengt mee dat de tenlastegelegde belediging niet kan worden bewezen en dat de verdachte daarvan zal worden vrijgesproken.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. D. Radder, mr. N.R.A. Meerbeek en mr. M.K. Durdu-Agema, in tegenwoordigheid van mr. M.E. de Waard, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 27 oktober 2022.
mr. M.K. Durdu-Agema is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=========================================================================
[…]