ECLI:NL:GHAMS:2022:281
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verdachte niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens niet-handhaven van beroep
In deze strafzaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 25 januari 2022 een arrest gewezen betreffende het hoger beroep van verdachte tegen een vonnis van de politierechter van 30 april 2021.
Het hoger beroep was ingesteld op 10 mei 2021 en de behandeling begon op 29 oktober 2021. Tijdens de zitting gaf de raadsman aan dat verdachte het hoger beroep niet wenste te handhaven, waarmee hij de eerder ingediende bezwaren introk.
Het hof concludeerde dat verdachte geen rechtens te respecteren belang heeft bij verdere behandeling van het hoger beroep. Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering werd verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep.
Het arrest is uitgesproken door de enkelvoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, met mr. J.J.I. de Jong als rechter.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het niet-handhaven van het beroep.