ECLI:NL:GHAMS:2022:266
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Ontbinding geregistreerd partnerschap met zorgregeling en onderhoudsbijdragen voor minderjarige dochter
Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 1 februari 2022 uitspraak gedaan in hoger beroep over de ontbinding van het geregistreerd partnerschap tussen de man en de vrouw. Partijen waren het oneens over de hoofdverblijfplaats van hun minderjarige dochter, de zorgregeling, het gebruiksrecht van de gezamenlijke woning en de hoogte van de kinder- en partnerbijdrage.
De ontbinding van het geregistreerd partnerschap werd bekrachtigd, waarbij de hoofdverblijfplaats van de minderjarige bij de vrouw werd vastgesteld. Het hof stelde een zorgregeling vast waarbij de dochter eens per twee weken van vrijdag na school tot woensdagochtend bij de man verblijft. De vrouw kreeg het gebruiksrecht van de gezamenlijke woning voor zes maanden toegekend.
De kinderbijdrage werd vastgesteld op €441 per maand en de partnerbijdrage op €1.536 per maand, beide met ingang van de inschrijving van de ontbinding. Het hof ging uit van het netto besteedbaar inkomen van de man en een verdiencapaciteit van de vrouw. De procedure werd niet verder aangehouden en de beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het geregistreerd partnerschap wordt ontbonden, de hoofdverblijfplaats van de minderjarige bij de vrouw vastgesteld, een zorgregeling met verblijf bij de man eens per twee weken vastgesteld en de kinder- en partnerbijdrage door de man vastgesteld op respectievelijk €441 en €1.536 per maand.