ECLI:NL:GHAMS:2022:2275
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verdachte niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens intrekking van bezwaren
In deze strafzaak is door verdachte hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland. Tijdens de terechtzitting in hoger beroep op 6 april 2022 heeft de verdediging namens verdachte aangegeven het hoger beroep niet te willen voortzetten en de oorspronkelijke bezwaren tegen het vonnis niet langer te handhaven.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal tot niet-ontvankelijkheid van verdachte in hoger beroep op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Gezien het ontbreken van enig rechtens te respecteren belang bij nadere behandeling van de zaak, heeft het hof besloten verdachte niet-ontvankelijk te verklaren in het hoger beroep.
De uitspraak is gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 6 april 2022, waarmee het hoger beroep van verdachte wordt beëindigd zonder inhoudelijke behandeling van de oorspronkelijke bezwaren.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens intrekking van de bezwaren.