ECLI:NL:GHAMS:2022:2205
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging machtiging uithuisplaatsing minderjarige met Kabuki-syndroom
In deze zaak staat de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige met het Kabuki-syndroom centraal. Het hof baseert zich op een deskundigenonderzoek dat concludeert dat het voor het kind momenteel het beste is om het grootste deel van de week bij een meeleefgezin te verblijven. De moeder heeft beperkte zorgtijd gehad en wordt geadviseerd therapie te volgen om haar pedagogische vaardigheden te verbeteren.
De moeder is gemotiveerd om hulp te accepteren en haar rol in de zorg voor het kind uit te breiden. De gecertificeerde instelling ondersteunt dit en streeft naar een geleidelijke uitbreiding van het contact tussen het kind en de moeder. De vader toont vertrouwen in de aanpak en wil de samenwerking verbeteren.
Het hof oordeelt dat de uithuisplaatsing in het belang van het kind noodzakelijk was en bekrachtigt de beschikking. De kosten van de deskundige worden ten laste van de Rijkskas gebracht. De beslissing benadrukt het belang van een voorspelbare structuur voor het kind en een zorgvuldige afweging van de zorgverdeling tussen ouders en pleeggezin.
Uitkomst: De machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige wordt bekrachtigd met een geleidelijke uitbreiding van het contact met de moeder.