Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
2.De verdere beoordeling
€ 5.400,-
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Amsterdam
Appellant vordert schadevergoeding wegens tekortkomingen van geïntimeerde bij de uitvoering van een beheersovereenkomst. Het hof verwijst naar een eerder tussenarrest en beperkt het debat tot de oorspronkelijke vorderingen conform de tweeconclusieregel.
De vorderingen betreffen voornamelijk niet geïnde huurpenningen en ten onrechte in rekening gebrachte kosten voor onderhoud en renovatie. Het hof beoordeelt per appartement de huurachterstanden en kosten, waarbij het merendeel van de vorderingen wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing of omdat de kosten onder normaal onderhoud vallen.
Uitzonderingen zijn een bedrag van €1.243,72 voor een tussenwand bij appartement 25C en een totaal van €5.400,- voor huurtekort en gemiste huurinkomsten bij appartement 25F. Geïntimeerde wordt veroordeeld tot betaling van €6.643,72 plus wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten. De reconventionele vordering van geïntimeerde wordt afgewezen wegens onvoldoende toelichting.
Het hof compenseert de proceskosten in eerste aanleg in conventie en legt de kosten in reconventie aan geïntimeerde. De proceskosten in hoger beroep worden door partijen zelf gedragen. Het arrest is gewezen door de meervoudige kamer en uitgesproken op 19 januari 2021.
Uitkomst: Geïntimeerde wordt veroordeeld tot betaling van €6.643,72 plus rente en kosten wegens tekortkoming in de nakoming van de beheersovereenkomst.