ECLI:NL:GHAMS:2021:4239
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- A.N. van de Beek
- A. van Haeringen
- J.A. van Keulen
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ondertoezichtstelling kwetsbare kinderen na echtscheiding
De zaak betreft een hoger beroep van de moeder tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam waarbij haar kinderen onder toezicht zijn gesteld van een gecertificeerde instelling (GI). De kinderen zijn kwetsbaar, waarvan één ernstig gehandicapt en met een laag IQ. De ouders zijn gescheiden en oefenen gezamenlijk gezag uit, maar verschillen ernstig van mening over de hulp en omgang met de vader.
De moeder betwist de noodzaak van ondertoezichtstelling en verzoekt om vernietiging van de beschikking en benoeming van een deskundige voor nader onderzoek. De vader en de Raad voor de Kinderbescherming steunen de ondertoezichtstelling. Het hof stelt vast dat er een ernstige ontwikkelingsbedreiging is door de verstoorde verhouding tussen ouders en het ontbreken van een gezamenlijke hulpaanpak.
Het hof oordeelt dat nader onderzoek en hulp noodzakelijk zijn, met prioriteit voor het opstarten van hulpverlening en onderzoek naar de vermeende misbruikclaims. Het verzoek tot benoeming van een deskundige wordt afgewezen omdat dit het belang van de kinderen zou schaden. Ook het verzoek tot schorsing van de beschikking wordt afgewezen. De ondertoezichtstelling wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ondertoezichtstelling van de kinderen en wijst het verzoek tot schorsing en benoeming van een deskundige af.