ECLI:NL:GHAMS:2021:4121

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
16 december 2021
Publicatiedatum
28 december 2021
Zaaknummer
23-002258-21
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 Wet op de identificatieplichtArt. 447e SrArt. 63 Sr
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep niet tonen identiteitsbewijs volgens Wet op de identificatieplicht

Op 25 mei 2020 werd verdachte te Amsterdam betrapt op het niet voldoen aan de verplichting om een identiteitsbewijs ter inzage aan te bieden, zoals voorgeschreven in artikel 2 van Pro de Wet op de identificatieplicht.

De kantonrechter in de rechtbank Amsterdam had op 3 augustus 2021 een vonnis gewezen tegen verdachte. Tegen dit vonnis werd hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam.

Het hof vernietigde het vonnis van de kantonrechter en deed opnieuw recht. Het verklaarde het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeerde dit overeenkomstig de Wet op de identificatieplicht en het Wetboek van Strafrecht. Echter, het hof legde geen straf of maatregel op aan verdachte.

De uitspraak werd gedaan door mr. N.A. Schimmel, in aanwezigheid van griffier L.M. van Leeuwen, op 16 december 2021.

Uitkomst: Het hof verklaart het bewezenverklaarde strafbaar maar legt geen straf of maatregel op.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 96-157207-20
parketnummer hoger beroep : 23-002258-21
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 16 december 2021 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Amsterdam van 3 augustus 2021 in de zaak tegen de verdachte:
naam:
[verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1970 te [geboorteplaats] ([geboorteland])
adres: [adres].

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:
niet voldoen aan de verplichting om een identiteitsbewijs ter inzage aan te bieden, opgelegd bij artikel 2 van Pro de wet op de identificatieplicht
gepleegd
op 25 mei 2020 te Amsterdam.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 2 van de Wet op de identificatieplicht en 447e en 63 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Bepaalt dat ter zake van het bewezenverklaarde geen straf of maatregel wordt opgelegd.
Gewezen door mr. N.A. Schimmel, in bijzijn van L.M. van Leeuwen, griffier.
mr. N.A. Schimmel