ECLI:NL:GHAMS:2021:2663
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging gezagsbeëindiging moeder over minderjarige kinderen na langdurige uithuisplaatsing
De zaak betreft een hoger beroep van de moeder tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland die haar gezag over haar twee minderjarige kinderen beëindigde en de gecertificeerde instelling (GI) tot voogd benoemde. De kinderen verblijven sinds 2017 in een pleeggezin en hebben sinds 2019 geen contact meer met hun moeder. De moeder woont sinds 2018 in het buitenland en is hertrouwd.
De moeder betoogt dat de gezagsbeëindiging onterecht is en dat onvoldoende is gedaan om het contact tussen haar en de kinderen te bevorderen. De raad en de GI stellen dat de moeder niet in staat is de opvoeding te dragen en dat de kinderen een veilige en stabiele omgeving in het pleeggezin hebben gevonden. Er is sprake van ernstige ontwikkelingsbedreiging en geen uitzicht op terugplaatsing.
Het hof overweegt dat de moeder niet heeft kunnen zorgen voor een veilige opvoedingssituatie en dat de kinderen zich verzetten tegen contact met haar. De GI heeft aantoonbaar geprobeerd het contact te herstellen, maar de kinderen weigeren dit. Het hof acht het in het belang van de kinderen dat het gezag bij de GI blijft en bekrachtigt de beschikking. Het contactherstelproces dient met zorg te worden begeleid, ook al laat het voorlopig op zich wachten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het gezag van de moeder en benoemt de gecertificeerde instelling tot voogd over de kinderen.