ECLI:NL:GHAMS:2021:2440
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Beschikking tot matiging en toekenning van vergoeding kosten rechtsbijstand en voorlopige hechtenis
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot vergoeding van schade door ondergane verzekering en voorlopige hechtenis, alsmede kosten rechtsbijstand in de strafzaak en in de verzoekschriftprocedure zelf.
De strafzaak eindigde zonder strafoplegging of toepassing van artikel 9a Sr. De voorlopige hechtenis duurde van 23 augustus 2016 tot 21 november 2016. Het hof acht gronden van billijkheid aanwezig voor vergoeding van € 7.250 voor de verzekering en voorlopige hechtenis.
De kosten rechtsbijstand in de strafzaak worden afgewezen omdat verzoeker op toevoeging heeft geprocedeerd en deze kosten daaronder worden begrepen. Voor de kosten rechtsbijstand in de verzoekschriftprocedure kent het hof een gematigde vergoeding toe van € 415, waarbij rekening is gehouden met de gelijktijdige behandeling van twee verzoekschriften.
Het hof wijst overige verzoeken af en beveelt de betaling van in totaal € 7.665 aan verzoeker.
Uitkomst: Het hof kent een vergoeding toe van € 7.250 voor voorlopige hechtenis en € 415 voor kosten rechtsbijstand, wijst overige verzoeken af.