ECLI:NL:GHAMS:2021:2381
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- G.W. Brands-Bottema
- J. Jonkers
- A. van Keulen
- Rechtspraak.nl
Opheffing bewind wegens weggevallen noodzaak en verstoorde communicatie
Betrokkene was sinds 13 december 2017 onder bewind gesteld vanwege problematische schulden en verkwisting, met Beaufin B.V. als bewindvoerder. In november 2019 verzocht betrokkene om benoeming van een nieuwe bewindvoerder, wat door de kantonrechter werd afgewezen omdat het bewind goed verliep en de schulden waren gesaneerd.
In hoger beroep stelde betrokkene dat de persoonlijke omstandigheden en verstoorde communicatie met de bewindvoerder onvoldoende waren meegewogen. Betrokkene wenste over te stappen naar Budget Beheer en gaf aan geen vertrouwen meer te hebben in de huidige bewindvoerder. De bewindvoerder erkende dat bewindvoering niet langer nodig was en dat betrokkene werd begeleid door Centram.
Het hof oordeelde dat de noodzaak tot bewindvoering was komen te vervallen en dat het primaire verzoek tot opheffing van het bewind toewijsbaar was. De subsidiaire vordering tot benoeming van een andere bewindvoerder hoefde niet te worden behandeld. Het hof vernietigde de eerdere beslissing en bepaalde dat de bewindvoerder binnen twee maanden na het einde van het bewind eindrekening en -verantwoording moet afleggen.
Uitkomst: Het hof heft het bewind op omdat de noodzaak ervan is komen te vervallen.