ECLI:NL:GHAMS:2021:1718
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verbetering arrest over betaling helft bedrag bij beëindiging vennootschap onder firma
In deze civiele zaak over de beëindiging van een vennootschap onder firma heeft het gerechtshof Amsterdam op 8 juni 2021 een eerder arrest van 16 februari 2021 verbeterd. Het oorspronkelijke arrest veroordeelde geïntimeerde tot betaling van € 19.386,17 aan appellante, vermeerderd met wettelijke rente. Geïntimeerde verzocht het hof om correctie van dit bedrag naar de helft, namelijk € 9.693,09, omdat de vordering van appellante slechts betrekking had op de helft van het genoemde bedrag.
Appellante stemde in met dit verzoek, waarna het hof oordeelde dat sprake was van een kennelijke fout die eenvoudig hersteld kon worden. Het arrest werd dienovereenkomstig verbeterd, waarbij onderdeel 4.3 werd aangepast om de betaling van het gecorrigeerde bedrag te bevestigen.
Deze uitspraak betreft een vervolg op een eerdere procedure (ECLI:NL:GHAMS:2021:496) en benadrukt het belang van nauwkeurigheid in vonnissen en arresten, evenals de mogelijkheid van correctie op grond van artikel 31 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering.
Uitkomst: Het arrest van 16 februari 2021 is verbeterd door het te betalen bedrag te halveren naar € 9.693,09 plus wettelijke rente.