ECLI:NL:GHAMS:2021:1428
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Vaststelling zorgregeling onder begeleiding voor contact minderjarige met moeder
De zaak betreft een geschil tussen de vrouw en de man over de zorgregeling voor hun minderjarige kind, geboren in 2013. Na beëindiging van hun relatie en diverse eerdere beslissingen is de hoofdverblijfplaats bij de man vastgesteld. De vrouw verzocht om een zorgregeling waarbij het kind regelmatig contact met haar heeft. De rechtbank wees dit verzoek af, waarna de vrouw in hoger beroep ging.
Tijdens het hoger beroep trok de vrouw haar beroep in voor zover het ging om de hoofdverblijfplaats. Het geschil bleef beperkt tot de zorgregeling. De vrouw wenst het contact met het kind te herstellen en op te bouwen, terwijl de man stelt dat het kind eerst hulp moet krijgen vanwege gedragsproblemen. De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde een zorgregeling onder begeleiding van de GI om het contact te herstellen.
Het hof constateert dat alle betrokkenen het eens zijn over het belang van contact tussen het kind en de vrouw, maar dat vrijwillige hulpverlening onvoldoende is geweest. Daarom stelt het hof een zorgregeling vast onder regie van de GI, met als doel dat vanaf 16 juli 2021 minimaal een dagdeel per twee weken fysiek contact plaatsvindt. De vrouw wordt geacht betrouwbaar en structureel beschikbaar te zijn en mee te werken aan het halen en brengen van het kind.
Uitkomst: Het hof stelt een zorgregeling vast onder regie van de GI met minimaal een dagdeel per twee weken contact vanaf 16 juli 2021.