ECLI:NL:GHAMS:2021:1234
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopig getuigenverhoor in geschil over bancaire zorgplicht bij renteswap
In deze civiele procedure tussen verzoekers en ABN AMRO staat de vraag centraal of de bank haar zorgplicht heeft geschonden bij het aanbieden en beheren van een renteswap en de financiering van een vastgoedproject. Verzoekers wilden een voorlopig getuigenverhoor om feiten over informatieverstrekking en waarschuwingen door ABN AMRO vast te stellen.
Het hof oordeelt dat verzoekers onvoldoende concreet hebben gemaakt welke feiten zij willen bewijzen en dat het verzoek te ruim en vaag is geformuleerd. Daarnaast acht het hof het verzoek strijdig met de goede procesorde omdat het een ongewenste doorkruising van de hoofdzaak vormt.
Daarom wijst het hof het verzoek af en veroordeelt verzoekers in de proceskosten. Dit vonnis is uitgesproken door de meervoudige kamer van het Gerechtshof Amsterdam op 20 april 2021.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopig getuigenverhoor wordt afgewezen wegens onvoldoende concretisering en strijd met de goede procesorde.