ECLI:NL:GHAMS:2021:1152
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verdachte niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens ontbreken van grieven
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam op 19 april 2021 uitspraak gedaan over de ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter van 30 oktober 2019. Hoewel een brief van de raadsman in het dossier aanwezig was waarin werd vermeld dat hoger beroep was ingesteld, bevatte deze brief expliciet de mededeling dat er geen grieven kenbaar werden gemaakt.
Tijdens de terechtzitting in hoger beroep heeft de niet-gemachtigde raadsman nogmaals benadrukt dat er geen bezwaren tegen het vonnis werden ingediend. Er zijn ook geen mondelinge bezwaren geuit en er is geen rechtens te respecteren belang gebleken dat een onderzoek in hoger beroep zou rechtvaardigen.
Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering heeft het hof de verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Dit betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk is behandeld en het vonnis van de politierechter in stand blijft.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven.