Uitspraak
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
- [de minderjarige] het eerste weekend van de maand bij de vrouw verblijft, waarbij onder het eerste weekend wordt verstaan: het weekend waarvan de vrijdag in de nieuwe maand valt en wel vanaf die vrijdag 17.00 uur tot zondag 17.00 uur bij de vrouw, de overige weekenden van die maand bij de man en wel vanaf vrijdag 17.00 uur tot zondag 17.00 uur, ongeacht of de zaterdag of zondag van dat weekend in de volgende maand valt, en de doordeweekse dagen bij de vrouw;
- [de minderjarige] de helft van de vakantie- en feestdagen bij de man verblijft. Partijen verdelen deze dagen in onderling overleg.