ECLI:NL:GHAMS:2020:3209
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.L.M. van der Voet
- J.H.C. van Ginhoven
- H.M.J. Quaedvlieg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep mishandeling zus zonder oplegging straf
Op 4 februari 2014 mishandelde de verdachte zijn zus in haar woning te Diemen door haar tegen het hoofd te stompen, aan haar haren te trekken en haar pols vast te houden, waardoor zij letsel en pijn heeft ondervonden. De verdachte stelde zich te hebben verweerd tegen de agressie van zijn zus, maar dit verweer werd door het hof verworpen op basis van de bewijsmiddelen.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en verklaarde het bewezenverklaarde strafbaar als mishandeling. De advocaat-generaal had een taakstraf van twintig uur, subsidiair tien dagen hechtenis gevorderd, maar het hof besloot geen straf of maatregel op te leggen.
Deze beslissing werd genomen vanwege het lange tijdsverloop sinds het feit, de reeds uitgezette gevangenisstraf van 360 dagen die de verdachte momenteel ondergaat, en het feit dat de zus het probleem inmiddels als opgelost beschouwt. Het hof achtte dat het opleggen van een straf geen redelijk strafdoel meer dient.
Uitkomst: Verdachte wordt bewezen verklaard voor mishandeling van zijn zus, maar het hof legt geen straf of maatregel op.