ECLI:NL:GHAMS:2020:2069

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
23 juli 2020
Publicatiedatum
24 juli 2020
Zaaknummer
200.264.592/01 OK
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beëindiging van het onderzoek naar beleid en gang van zaken van RSW Property vennootschappen

De Ondernemingskamer Amsterdam heeft op 23 juli 2020 besloten het onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van RSW Property B.V., RSW Property I B.V., RSW Property VIII B.V. en RSW Management B.V. te beëindigen. Dit onderzoek was bij beschikking van 9 januari 2020 bevolen en betrof de periode vanaf 11 oktober 2013. Tevens werd een bestuurder met doorslaggevende stem benoemd voor RSW Management B.V. als onmiddellijke voorziening.

Partijen, te weten Chevrayne Management B.V. als verzoekster en diverse RSW Property vennootschappen als verweersters, hebben op 16 juli 2020 een minnelijke regeling getroffen. Naar aanleiding daarvan heeft de verzoekster verzocht de procedure te beëindigen, hetgeen door de verweersters is onderschreven. Er zijn geen bezwaren tegen dit verzoek ontvangen.

De Ondernemingskamer heeft daarop het verzoek ingewilligd en het onderzoek en de getroffen onmiddellijke voorziening met ingang van heden beëindigd. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Meijer.

Uitkomst: Het onderzoek en de onmiddellijke voorziening worden met ingang van 23 juli 2020 beëindigd na een minnelijke regeling.

Uitspraak

beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.264.592/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 23 juli 2020
inzake
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
CHEVRAYNE MANAGEMENT B.V.,
gevestigd te Zeist,
VERZOEKSTER,
advocaten:
mr. R.G.J. de Haan,
mr. W.M. Smelten
mr. D.H. Tilanus, allen kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
1. de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid
RSW PROPERTY B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid
RSW PROPERTY I B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
3. de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid
RSW PROPERTY VIII B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
4. de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid
CR MARITIME B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
5. de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid
RSW MANAGEMENT B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTERS,
advocaten:
mr. I.A.J. Deijkersen
mr. A. de Buck, beiden kantoorhoudende te Den Haag,
e n t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
STAAL ’28 B.V.,
gevestigd te Harderwijk,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
PEMET B.V.,
gevestigd te Naarden,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
NAFEMA B.V.,
gevestigd te Harderwijk,
BELANGHEBBENDEN,
advocaten:
mr. I.A.J. Deijkersen
mr. A. de Buck, beiden kantoorhoudende te Den Haag.
1.
Het verloop van het geding
1.1 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 9, 10 en 14 januari en 28 april 2020 in deze zaak.
1.2 Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van RSW Property B.V., RSW Property I B.V., RSW Property VIII B.V. en RSW Management B.V. (hierna gezamenlijk ook: de vennootschappen) over de periode vanaf 11 oktober 2013, mr. dr. C.B. Schutte (hierna: de onderzoeker) benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, bepaald dat het onderzoek (na verhoging van het onderzoeksbudget bij beschikking van 28 april 2020) ten hoogste € 75.000 mag kosten, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen, en bepaald dat de kosten van het onderzoek ten laste komen van RSW Property B.V. en RSW Management B.V. Voorts heeft de Ondernemingskamer bij die beschikkingen, bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van het geding, voor zover nodig in afwijking van de statuten, mr. P.J. Colijn (hierna: de bestuurder) benoemd tot bestuurder van RSW Management B.V. met doorslaggevende stem en bepaald dat deze bestuurder zelfstandig bevoegd is RSW Management B.V. te vertegenwoordigen en dat zonder deze bestuurder RSW Management B.V. niet vertegenwoordigd kan worden.
1.3 Bij e-mail aan de Ondernemingskamer van 16 juli 2020 heeft mr. De Haan, in verband met een tussen partijen tot stand gekomen minnelijke regeling, namens Chevrayne Management B.V., verzocht de lopende procedure te beëindigen.
1.4 Bij e-mail van eveneens 16 juli 2020 heeft mr. De Buck namens verweersters bericht in te stemmen met het verzoek van mr. De Haan.

2.De gronden van de beslissing

2.1
Nu partijen een regeling hebben getroffen, er geen bewaren zijn ontvangen tegen het verzoek tot beëindiging van het bevolen onderzoek en de getroffen onmiddellijke voorziening en de Ondernemingskamer voorts niet is gebleken van enig belang dat zich tegen de toewijzing van het verzoek verzet, zal de Ondernemingskamer het verzoek inwilligen aldus dat zij het bij beschikking van 9 januari 2020 bevolen onderzoek en de bij die beschikking getroffen onmiddellijke voorziening zal beëindigen, een en ander met ingang van heden.

3.De beslissing

De Ondernemingskamer:
beëindigt met ingang van heden het bij haar beschikking van 9 januari 2020 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van RSW Property B.V., RSW Property I B.V., RSW Property VIII B.V. en RSW Management B.V., alle gevestigd te Amsterdam, alsmede de bij die beschikking getroffen onmiddellijke voorziening;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.J. Wolfs, voorzitter, mr. C.C. Meijer en mr. A.W.H. Vink, raadsheren, P.G. Boumeester, en mr. drs. G. Boon RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. B.J. Blok, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. C.C. Meijer op 23 juli 2020.