ECLI:NL:GHAMS:2020:1773
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.C.C. Lewin
- M.P. van Achterberg
- A.P. Wessels
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake toewijzing vordering doorlopend krediet en toetsing oneerlijk beding
Defam B.V. is in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van de kantonrechter Amsterdam waarin een deel van haar vordering tot betaling van een doorlopend krediet werd toegewezen en een deel werd afgewezen wegens een oneerlijk beding in de contractuele rente. Het hof stelt vast dat het beding over de rente een kernbeding betreft en derhalve niet ambtshalve aan toetsing onderhevig is.
Hoewel de gedaagde partij geen verweer heeft gevoerd en verstek is verleend, acht het hof de vordering niet zonder meer toewijsbaar. Defam heeft onvoldoende onderbouwd dat de betalingsregeling niet werd nagekomen en dat de kredietnemer op het moment van opeising in verzuim verkeerde. Ook is onduidelijkheid over de gehanteerde rentepercentages en de grondslag voor rente over het bedrag boven de kredietlimiet.
Het hof geeft Defam de gelegenheid om haar stellingen bij akte aan te vullen over het betalingsverzuim, de rentegrondslagen en de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden. De zaak wordt aangehouden tot de rolzitting van 28 juli 2020 voor nadere besluitvorming.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en wijst de vordering toe onder voorbehoud van nadere onderbouwing door Defam.